Dragen met anderhalve meter afstand

De COVID crisis kwam in maart 2020 in Nederland aanwaaien. Talloze sectoren ondervonden veel veranderingen waar werken vanuit huis of een ‘lange vakantie’ de norm werd. Dit gold echter niet voor de uitvaartbranche. Sterker nog: nog nooit hebben dragers zoveel verschillende uitvaarten maandelijks bijgewoond. Het zag er naar uit dat we onze handen vol hadden.

In de afgelopen maanden heeft de uitvaartsector een aantal flinke veranderingen meegemaakt. Als dragers konden we goed lachen om de anderhalve meter regel op een uitvaart, die door velen genodigden flink aan de laars werd gelapt. Hutje mutje bij het graf en een dikke knuffel aan de familie. Niet heel gek, aangezien het afscheid nemen een moeilijk proces is waar affectie van naasten op prijs gesteld wordt.

Dit was een scherp contrast met alle maatregelen die voor het dragen getroffen werden. Er kwam een limiet van dragers per uitvaart om de afstand op de werkvloer te waarborgen. Dragen met vier man betekende dat. Dit hield in dat er ook niet geschouderd zou worden. In eerste instantie zou men dat werk verlichtend kunnen noemen, maar niets was minder waar. Wat hebben wij staan ploeteren, liftkabels die opensprongen, kisten die een kraan vereisten of driehonderd bloemstukken sjouwen. Dragen met vier was toch minder ‘chill’ dan verwacht.

Toch wisten wij allen hoe we ons moesten aanpassen aan deze bizarre tijd en slaagden er dus ook in om elke uitvaart zo normaal mogelijk te laten verlopen. Zelf ben ik erg dankbaar voor het dragerswerk in deze pandemie, omdat het nog enige structuur aan mijn studentenleven bracht.

Met leuke collega’s op pad in een gevarieerde werkomgeving, maakt het dragen voor de Helpende Hand een fijne beleving.
– Stijn Hansen –

 

« Terug naar Nieuws & Achtergrond